Aanpak

We lossen problemen op met creativiteit. Dit kunnen zowel producten, services, processen en strategieën zijn. Een goed ontwerp moet functioneel zijn, betrouwbaar, gebruiksvriendelijk en geeft plezier. Het voldoet aan de gebruikersbehoeftes, is rendabel en daarmee levensvatbaar. We gebruiken Design Thinking als methode en werken als productontwerpers, service designers en UX (User Experience) designers. 

Voor het ontwerpproces gebruiken we het dubbel diamond model. Hierbij wissel je tussen divergeren en convergeren. Het bestaat uit de volgende 4 fases: 

Fase 1. Onderzoeken

Voorafgaand aan het ontwerpen van een oplossing moet eerst het probleem onderzocht worden, dit onderzoek worden gebundeld, dan een oplossing worden ontwikkeld en getest en daarna de oplossing worden opgeleverd. 

Hierbij beginnen met het helder krijgen van de vraagstelling, scope, doelgroep en het probleem inzichtelijk krijgen. Bij deze stap horen de volgende elementen:

  1. Wie: Doelgroep. Hierbij kunnen we de doelgroep onderverdelen in hoofddoelgroep en subdoelgroepen. Door deze focus weten we duidelijk op wie we ons gaan richten. Dus bijvoorbeeld het personeel van het ziekenhuis. Of juist het bezoek. Wat ook kan is dat we ons willen richten op een specifieke groep patiënten (met de kanttekening  
  2. Wat: Wat is het doel van de doelgroep. Wat is ons doel (zowel lange als korte termijn).
  3. Waar: Welke locatie of omgeving
  4. Wanneer: Onder welke situatie is de doelgroep. Vragen die nuttig zijn: willen we het gewenste gedrag onder alle situaties veranderen of richten we ons juist op gevallen waar het nu vaak “fout” gaat?
  5. Waarom: Wat is de intrinsieke motivatie van de doelgroep voor het huidige gedrag (persoonlijke beweging) en vooral om dit gedrag te veranderen. Waarom zouden we ze dit gedrag juis tveranderen. 

Als duidelijk is over wie we het hebben dan is het verstandig om de succescriteria vast te stellen. Hiermee maken we het project concreet en weten we ook wanneer het geslaagd is. 

Fase 2. Definiëren

Vervolgens gaan we al het onderzoek wat we hebben gedaan samenvoegen en inzichtelijk maken. Hieruit volgen de kansgebieden waar we ons op gaan focussen. Het bepalen van het de ontwerpcriteria zorgt er ook gelijk voor dat we de succescriteria van de oplossing helder hebben. Nu weten we waar onze oplossing aan moet voldoen om succesvol te zijn voor de doelgroep. We maken de onderzoeksresultaten inzichtelijk en stellen de ontwerpcriteria vast.

Fase 3. Conceptualiseren

In deze fase gaan we vele oplossingen bedenken en deze naast de ontwerp criteria houden. De oplossing kan zowel een fysiek product zijn (zoals een keurmerk of maaltijd) maar bijvoorbeeld ook een workshop of training. Nu begint het brainstormen, ideeën genereren en deze langs de ontwerp criteria houden. 

Fase 4. Implementeren

Omdat het duidelijk is waar we ons op gaan focussen kunnen we oplossingen gaan bedenken en testen. Hierbij hoeft een oplossing nog niet volledig te zijn maar kan als een pilot worden geïntroduceerd. Door het kleinschalig te houden en nog geen perfecte volledige oplossing na te streven kunnen we testen of ideeën werken. We werken de ideeën uit en maken prototypes die getest kunnen worden. Vervolgens kunnen ze worden geïmplementeerd. Onze voorkeur gaat uit naar de uitrol gefaseerd te doen. Hierbij houden we contact met de gebruikers waarbij we de input gebruiken om het product te blijven verbeteren.